Binnenvaart - CBRB - logo

Binnenvaart brancheorganisatie

Nieuwe folder voor veilige en vlotte scheepvaart op Westerschelde

Op 1 april 2019 jl. heeft een aanvaring tussen mps ‘Viking Idun’ en chemicaliëntanker ‘Chemical Marketer’ op de Westerschelde plaatsgevonden. De Onderzoeksraad voor Veiligheid heeft dit ongeval onderzocht met als doel daar lessen uit te trekken. De rapportage bevat uitgebreide informatie over de toedracht van het ongeval, achtergrondinformatie van de betrokken partijen, diverse analyses, conclusies en aanbevelingen en is reeds met de leden van Ledengroep Personenvervoer gedeeld.

Conclusie van het onderzoeksrapport
In het onderzoeksrapport wordt geconcludeerd dat de aanvaring niet voorkomen had kunnen worden. Achteraf gezien kan gesteld worden dat er sprake is geweest van miscommunicatie, onvoldoende kennis van het desbetreffende vaargebied en een beperkte beheersing van de Engelse taal (met nautisch Engels) door de bemanning. Voorafgaand aan de reis heeft de rederij de bemanning onvoldoende gecontroleerd op kwalificaties, vakbekwaamheid en ervaring. De Westerschelde is een complex vaargebied dat intensief bevaren wordt door zeescheepvaart, binnenvaart en riviercruisevaart dat goede regelgeving en scherp toezicht hierop vereist.
Gebaseerd op de bevindingen doet de Onderzoeksraad voor Veiligheid een aantal aanbevelingen in het rapport richting de rederijen die actief zijn in de riviercruisevaart, de diverse overheden en aan het CBRB met als doel om de veiligheid in de riviercruisesector te vergroten.

Westerschelde marifoon-blokindeling

Onderzoeksraad voor Veiligheid doet aanbevelingen aan:

  • De rederijen die actief zijn in de passagiersvaartsector om zorg te dragen dat er tijdens iedere vaart van een riviercruiseschip een volledig gekwalificeerde en bekwame nautische bemanning in de stuurhut aanwezig is. Om de bemanning gekwalificeerd en (vak)bekwaam te maken en te houden wordt geadviseerd om gebruik te maken van een toegespitst trainingsprogramma met aandacht voor taalbeheersing (nautisch Engels) en voldoende bekendheid met de voorgenomen vaarroutes voor de nautische bemanningen en daarbij een periodieke toetsing van vaardigheden af te nemen.
  • Diverse overheden waaronder de Gemeenschappelijk Nautische Autoriteit (GNA), om de bevoegdheids- en bekwaamheidseisen voor nautische bemanningen van riviercruiseschepen binnen het Scheldegebied aan te scherpen en daarbij de mogelijkheid te benutten om in het Scheepvaartreglement Westerschelde aanvullende bepalingen voor een veilige doorvaart van riviercruiseschepen op te nemen. Daarbij wordt gedacht aan aanvullende bepalingen rond bekendheid met het vaargebied en/of een loodsverplichting bij het ontbreken van deze kennis. De Onderzoeksraad voor Veiligheid beveelt aan om tevens te onderzoeken of de aanvullende bepalingen ook in internationaal verband geborgd kunnen worden.
  • Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat om de effectiviteit van toezicht op de riviercruisevaart te verbeteren door een te ontwikkelen toezichtarrangement kan het toezicht op de riviercruisevaart gecoördineerd verlopen. Daarnaast wordt aanbevolen om een instrumentarium te ontwikkelen voor de effectieve handhaving van de voertaaleis en wordt de aanbeveling gedaan om structureel ongevallen en incidenten met riviercruiseschepen te onderzoeken en daar de geleerde lessen uit te trekken en de bevindingen te delen met internationale partners.
  • De laatste aanbeveling is gericht aan het Centraal Bureau voor de Rijn- en Binnenvaart.
    CBRB wordt aanbevolen om de bevindingen en de lessen uit dit onderzoek te delen met de leden van de CBRB Ledengroep Personenvervoer en het nationale en internationale netwerk.

 

Verplichting tot opvolgen van aanbevelingen van Onderzoeksraad voor Veiligheid
De partijen aan wie de Onderzoekraad voor Veiligheid aanbeveling(en) doet, zijn verplicht om binnen 1 jaar op de aanbeveling te reageren. CBRB heeft aan deze verplichting voldaan door het onderzoek te delen met de leden en het nationale-, en internationale netwerk en de leden daarover te informeren via de CBRB-nieuwsbrief Nr. 49 – 17 december 2020.

CBRB biedt ondersteuning bij aanbeveling GNA
De Westerschelde strekt zich uit over Nederlands en Belgisch grondgebied. Drie instanties waken over een veilige en vlotte scheepvaart op de Westerschelde: de Gemeenschappelijke Nautische Autoriteit, de verkeerscentrales en de loodsen. Om het vaarverkeer veilig te laten verlopen, moeten binnenvaartpassagiersschepen een aantal regels volgen:

  • Kennis hebben van de marifoonprocedures. Via de marifoon dienen schepen hun binnenkomst in het vaargebied mee te delen. Alle info over de marifoonprocedures is terug te vinden via deze link.
  • Communiceren in het Nederlands of in het Engels.
  • Het aantal personen aan boord van het schip melden bij binnenkomst van het gebied.
  • Varen is toegestaan bij een golfhoogte van maximaal anderhalve meter en een zicht van minimaal 1000 meter.

 

Deze informatie is overzichtelijk gemaakt in de vernieuwde folder. CBRB heeft input geleverd voor het ontwikkelen van de folder en heeft de folder aan haar leden beschikbaar gesteld.

De folder ‘Binnenvaartpassagiersschepen op de Westerschelde, info & reglementering’ kunt u hier downloaden.