Het kabinet start met een eerste pakket maatregelen binnen Ruimte voor de Rivier 2.0. Minister Karremans heeft hierover een Kamerbrief naar de Tweede Kamer gestuurd. Tot en met 2039 stelt het kabinet ruim € 800 miljoen beschikbaar uit het Deltafonds en het Mobiliteitsfonds.
Voor de binnenvaart zijn vooral de aanpak van bodemerosie in de Rijntakken en de ontwikkeling van een meergeulensysteem op de Waal van belang. KBN heeft hier de afgelopen jaren in onderzoeken, overleggen en gesprekken met het ministerie steeds aandacht voor gevraagd.
Jarenlange inzet voor samenhangend rivierbeheer
KBN is sinds de start betrokken bij de ontwikkeling van Ruimte voor de Rivier 2.0 en de voorganger Integraal Riviermanagement. Binnen die aanpak worden waterveiligheid, scheepvaart, natuur, zoetwaterbeschikbaarheid en ruimtelijke ontwikkeling in samenhang bekeken.
Dat is nodig omdat ingrepen in het riviersysteem vrijwel altijd meerdere functies raken. Een maatregel voor waterveiligheid, natuur of zoetwaterverdeling kan bijvoorbeeld gevolgen hebben voor de waterdiepte en de ligging van de vaargeul. KBN heeft er daarom steeds voor gepleit om de gevolgen voor de scheepvaart vanaf het begin mee te nemen.
Start aanpak bodemerosie
Een belangrijk onderdeel van het kabinetsbesluit is de aanpak van de voortgaande bodemerosie in de Rijntakken. De rivierbodem slijt op verschillende plaatsen steeds verder uit. Daardoor komen vaste lagen, kabels, leidingen en andere obstakels relatief hoger in de rivier te liggen en neemt de beschikbare vaardiepte af.
Vooral bij lage waterstanden zijn de gevolgen merkbaar. Schepen kunnen minder lading meenemen, er zijn meer reizen nodig en de betrouwbaarheid van het vervoer neemt af. KBN heeft de afgelopen jaren herhaaldelijk bij het ministerie aangedrongen op maatregelen om deze ontwikkeling te stoppen.
Het kabinet wil op korte termijn beginnen met sedimentsuppleties. Daarbij wordt sediment aan de rivier toegevoegd om de verdere daling van de bodem af te remmen. Hiermee wordt tijd gewonnen, terwijl aan een structurele oplossing wordt gewerkt.
Meergeulensysteem op de Waal
Voor de langere termijn kiest het kabinet voor de verdere ontwikkeling van een meergeulensysteem op de Waal. Dit systeem moet de rivierbodem stabiliseren en tegelijk ruimte bieden aan waterveiligheid, natuurontwikkeling en de verdeling van zoetwater.
Bij de langsdammen bij Wamel, Dreumel en Ophemert is al ervaring opgedaan met een vergelijkbare inrichting van de rivier. KBN ziet het meergeulensysteem daarom als een logische vervolgstap. Op termijn kan deze aanpak mogelijk ook bijdragen aan een betere waterverdeling richting de IJssel.
De precieze inrichting staat nog niet vast. Bij de uitwerking moet worden voorkomen dat maatregelen leiden tot extra aanzanding, een smallere vaargeul of andere nieuwe knelpunten voor de scheepvaart.
KBN blijft betrokken
Met het kabinetsbesluit is de richting bepaald, maar de concrete uitwerking begint nu. KBN blijft daarbij nauw betrokken en brengt kennis en ervaringen uit de binnenvaart in. De vereniging let onder meer op de beschikbare vaardiepte, de ligging van de vaargeul, mogelijke aanzanding en de betrouwbaarheid van de vaarweg.
KBN reageert:
“Met dit besluit komt veel van het werk dat KBN de afgelopen jaren op de waterdossiers heeft verricht samen. We zijn blij dat het kabinet kiest voor een samenhangende aanpak van het riviersysteem en werk maakt van de bodemerosie. Dat is voor de binnenvaart een belangrijke stap. Nu begint de uitwerking. Daarbij blijven wij ons inzetten voor maatregelen die leiden tot een veilige, betrouwbare en goed bevaarbare rivier.”
KBN blijft de plannen volgen en zal waar nodig bijsturen of aandacht vragen voor gevolgen die de bevaarbaarheid kunnen verslechteren.